Onvolledig dossier: wél zorgplichtschending, maar géén schade

Onvolledig dossier: wél zorgplichtschending, maar géén schade

In een recente uitspraak van de Commissie van Beroep van het Kifid is vastgesteld dat een adviseur zijn zorgplicht heeft geschonden, maar dat er geen sprake is van schade. Een consument dacht dat bij zijn overlijdensrisicoverzekering (ORV) premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid (AO) was meeverzekerd. Die dekking blijkt echter niet op de polis te staan. De adviseur kan niet aantonen wat hierover is besproken, omdat gespreksnotities ontbreken. De consument vordert vergoeding van de resterende premies voor de ORV: een bedrag van € 68.327.

De feiten

Via een adviseur wordt per 1 juni 2022 een ORV gesloten met een verzekerd kapitaal van € 750.000, een looptijd van 20 jaar en een maandpremie van € 304,67 (inclusief medische opslag).

Vanaf 28 juli 2023 ontvangt de consument een WIA-uitkering. Hij vraagt premievrijstelling aan bij de verzekeraar, maar de verzekeraar wijst dit af: de premievrijstelling is niet aangevraagd en dus niet verzekerd.

De consument stelt dat hij en zijn partner hier wel om hebben gevraagd en dat de adviseur heeft toegezegd dit te regelen. Vast staat dat de adviseur geen gespreksnotities meer heeft.

Zorgplicht: ontbreken dossier werkt tegen de adviseur

De Commissie van Beroep stelt allereerst vast dat de adviseur op grond van de wet moet handelen als een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot. Doordat gespreksnotities ontbreken, kan niet worden vastgesteld wat precies is besproken over premievrijstelling bij AO. De Commissie oordeelt dat de gevolgen van dit bewijsprobleem voor rekening van de adviseur komen. Bij gebrek aan dossiervorming wordt verondersteld dat de adviseur de consument niet adequaat heeft voorgelicht.

Geen schade zonder verzekerbaar risico

Een zorgplichtschending leidt echter niet automatisch tot schadevergoeding. De vraag is of de consument, bij correct advies, de gewenste dekking daadwerkelijk had kunnen afsluiten.

In de voorwaarden voor premievrijstelling staat dat geen recht bestaat als de verzekerde bij de ingangsdatum al arbeidsongeschikt is. Vast staat dat de consument bij het sluiten van de verzekering een Ziektewetuitkering ontving en later een WIA-uitkering kreeg. Ook is een forse medische opslag toegepast.

De consument stelt dat slechts sprake was van een arbeidsconflict, maar onderbouwt dit niet. De Commissie gaat er daarom van uit dat de consument bij aanvang arbeidsongeschikt was. Op grond van de voorwaarden zou hierdoor geen dekking zijn verleend. Bovendien moet het verzekerd risico bij aanvang onzeker zijn. Dat was hier niet het geval.

De Commissie concludeert daarom dat niet aannemelijk is dat de consument de dekking ooit had kunnen krijgen. Daarom ontbreekt een causaal verband en is er geen vergoedbare schade. De vordering van € 68.327 wordt dan ook afgewezen.

Praktische tips:

  • Deze Kifid-uitspraak onderstreept dat dossiervorming essentieel is. Ontbreken gespreksnotities, dan kan dat leiden tot een (veronderstelde) zorgplichtschending. Leg daarom altijd vast welke aanvullende dekkingen zijn besproken en wat de klant daarover heeft beslist en bevestig belangrijke keuzes schriftelijk aan de klant.
  • Noteer expliciet als een dekking niet mogelijk is vanwege acceptatie of bestaande klachten.

Externe bronnen:

Vraag je scan aan